Belangrijke elementen binnen de projecten

Het creatief proces

Een project start altijd met een introductie en een oriëntatie. De introductie is de ‘straaljager’ door de klas, de verrassende start. In de introductie worden de contouren van het project zichtbaar tijdens het houden van het filosofisch gesprek.
Na de introductie volgen een aantal opdrachten. In elke opdracht doorloopt de leerling de fasen van het creatief proces. Dit begint met het onderzoek, gevolgd door het uitvoeren en vervolgens presenteren en evalueren. De vier onderdelen van het creatief proces worden in alle opdrachten herhaald. De presentaties in opdracht 1 en 2 zijn kleine presentaties, de presentatie in opdracht 3 is de slotpresentatie en het einde van het project.

Het filosofisch gesprek

Het filosofisch gesprek is een vast onderdeel van het leertraject. Door het voeren van zo’n gesprek kunnen leerlingen zich in alle openheid op de projectinhoud oriënteren. Het daagt hen uit om beter te kijken en te luisteren maar ook om eigen en andermans ideeën te verkennen. Er is niet één waarheid, het gaat niet om goed of fout. Filosoferen met en over kunst en cultureel erfgoed opent mogelijkheden voor een actieve verwerking van het onderwerp en geeft de leerlingen alle ruimte om op een eigen manier met kunst, erfgoed en mediacultuur om te gaan.
Het gesprek vindt plaats tijdens de oriëntatiefase maar je kunt het filosoferen tijdens het project naar eigen inzicht terug laten komen. Voor het voeren van een filosofisch gesprek is bij elk project een aantal vragen ter suggestie opgesteld.