Je staat aan het begin van een korte reis waarin leerlingen hun creativiteit ontwikkelen door kunst te maken én te beleven tijdens de Kinderboekenweek 2019. Stippel je eigen route uit en bekijk deze korte opdracht die aansluit bij het thema van de Kinderboekenweek: Reis mee! Pak je koffers in en verras jezelf en je leerlingen.
-
Opdracht: Hoe reis jij door de stad?
Tijdsindicatie: 15 minuten
In dit project kijken we naar vervoermiddelen in de stad. In grote steden wonen veel mensen die allemaal van de ene kant naar de andere kant van de stad reizen.
In de dansopdracht ‘Hoe reis jij door de stad?’ fantaseren de leerlingen al dansend met welke bijzondere vervoermiddelen ze naar school kunnen komen.
Bekijk zelf de uit de Toolbox Creatief Proces ter inspiratie van de dansopdracht. In de video zie je hoe een leraar de dansopdracht uitvoert:
Opdracht: Hoe reis jij door de stad?
Een ‘bewegen – stop- opdracht’: de leerlingen dansen door het hele speellokaal.
Bespreek met de leerlingen verschillende vervoermiddelen waarmee ze naar school kunnen komen: hoe zouden ze zich willen en kunnen verplaatsen? Het kunnen realistische of fantasievervoermiddelen zijn. Denk aan een step, een monorail, wieltjes onder je schoenen, springveren, een hele grote glijbaan hoog in de lucht etc.
Laat de leerlingen verspreid door het speellokaal klaar gaan staan. Benoem telkens één vervoermiddel, de leerlingen gaan dansen alsof ze met dit vervoermiddel op pad gaan. Ze starten zodra de muziek start en stoppen zodra de muziek stopt. In de ‘stop’ horen ze het volgende vervoersmiddel dat gedanst gaat worden.
Zet telkens, na ongeveer 1 minuut, de muziek stop en benoem dan een nieuw vervoersmiddel.
Bijvoorbeeld:
- springveren onder je voeten: springen, vooruit en van links naar rechts;
- monorail: maak je heel smal en verplaats jezelf zacht alsof je glijdt;
- sneltram: loop met snelle passen waarbij je telkens even stopt alsof je bij een halte bent;
- op skeelers: met lange, glijdende passen.
Vraag hierna welke ideeën de leerlingen nog meer hebben. Dans telkens één idee met de hele groep tegelijk. Stimuleer de leerlingen heel verschillende vervoermiddelen te bedenken, de ene keer verplaatsen ze vliegensvlug, dan stuiterend, zacht glijdend of hortend en stotend.
Reflectievragen
- Welk vervoermiddel vond je het meest verrassend?
- Wat heb je gezien bij iemand anders en zou jij ook willen doen?
CultuurSchakel brengt je verder in kunst en cultuur in Den Haag